Inleiding
De economische crisis vraagt om bijzondere maatregelen. De Crisis- en herstelwet is vastgesteld om de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland niet tot stilstand te laten komen. De wet beoogt de versnelling van bouwprojecten te realiseren en heeft hiervoor onorthodoxe instrumenten in het leven geroepen. De wet schept nieuwe voorwaarden en mogelijkheden en neemt belemmeringen in wet- en regelgeving zo veel mogelijk weg.
Gelet op het doel van dit wetsvoorstel (bijdragen aan het herstel van de economie) is een spoedige inwerkingtreding noodzakelijk. Daarom is voorzien in inwerkingtreding op 1 januari 2010 en expiratie op 1 januari 2014.
Onderdelen van de Crisis-en herstelwet
Op hoofdlijnen omvat de wet twee typen maatregelen:
Categorie 1 Tijdelijke maatregelen
De projecten waar het om gaat zijn in de wet met name genoemd en daarnaast de woningbouwprojecten van 20 tot 2000 woningen.
Voorbeelden van speciale maatregelen die voor deze categorie genomen worden:
- Het binnen het ruimtelijk domein introduceren van nieuwe of naar voren halen van reeds voorziene wijzigingen in het bestuursprocesrecht.
Daarbij gaat het onder meer om:
- het versneld regelen van een verruimde mogelijkheid voor het passeren van gebreken;
- het versneld regelen van het relativiteitsvereiste;
- een nieuwe bepaling over onderzoeken die aan een besluit ten grondslag worden gelegd;
- een beperking van het beroepsrecht van decentrale overheden;
- een versnelling van het beroep en hoger beroep en stringentere ontvankelijkheidsvereisten aan het beroepschrift. - De aanwijzing van experimenteergebieden, waar tijdelijk wetgeving opzij wordt gezet, om snel, maar zorgvuldig urgente projecten te kunnen realiseren.
- Concentratie van besluitvorming voor gemeentelijke bouwlocaties bij de gemeente zodat hierover sneller besloten kan worden.
- Geen verplicht advies van de commissie m.e.r. en geen verplicht alternatievenonderzoek.
- Het naar voren halen van een voorziene regeling voor radarzonering om realisatie van de aanleg van windmolenparken te bespoedigen.
- Het versoepelen van de regels in de Leegstandwet omtrent de huurprijs bij tijdelijke verhuur van woningen.
Categorie 2: Wijzigingen van bijzondere wetten
Voor een aantal wetswijzigingen wordt een breder toepassingsbereik voorgesteld. Deze wetswijzigingen gelden niet voor de gelimiteerde projectenlijst, maar voor alle projecten in het ruimtelijk domein. Het zijn bovendien geen tijdelijke, maar structurele wijzigingen. In deze categorie vallen onder meer de volgende maatregelen:
- Verplichte toepassing van een coördinatieregeling en verplichte vaststelling van een inpassingsplan bij middel grote windmolenparken (10–100 MW).
- Verlenging en aanscherping van de Interimwet stad- en milieubenadering.
- Vereenvoudiging van de uitvoering van de Natuurbeschermingswet 1998, gericht op o.a. minder vergunningen en eenvoudiger berekenen van de effecten van stikstof op Natura 2000-gebieden.
- Uniformering en stroomlijning van de procedures voor onteigening, alsmede een ontkoppeling van de ruimtelijke procedure en de onteigening, zodat onteigening sneller kan worden afgerond.
Kortom, de wet heeft voor veel bouwprojecten echte versnellingsmogelijkheden. Tijdens de studiedag wordt op de vele mogelijkheden ingegaan.
Resultaat
Wie de studiedag Crisis- en herstelwet heeft gevolgd:
-
heeft een gedegen kennis van de inhoud van de wet
-
heeft inzicht hoe de wet in de dagelijkse praktijk toegepast kan worden
-
weet waar de kansen en beperkingen van toepassing van de wet liggen
-
kan in zijn dagelijkse werkpraktijk gebruik maken van de versnellingsmogelijkheden van de wet
