Aanleiding
Een aantal delen van Nederland wordt geconfronteerd met demografische krimp. In delen van Zeeuws-Vlaanderen, Limburg en Noordoost Nederland is nu al sprake van een dalend bevolkingsaantal. In 2025 zal naar verwachting ruim de helft van alle gemeenten te maken hebben met een afnemende bevolking.
Bevolkingskrimp heeft ingrijpende gevolgen voor de volkshuisvesting in de vorm van leegstand, maar ook voor het voorzieningenniveau (onderwijs, zorg, detailhandel), de maatschappelijke cohesie en de leefbaarheid. Overheden, provincies, woningcorporaties en welzijnsorganisaties hebben direct te maken met deze gevolgen.
Inhoud
Tijdig anticiperen op krimp voorkomt het ontstaan van een negatieve spiraal voor economie, samenleving en ruimtelijke kwaliteit. Gemeenten, corporaties en ontwikkelaars zijn echter vooral bezig met het oplossen van hun eigen problemen, met onderlinge concurrentie als gevolg. Terwijl er juist behoefte bestaat aan meer regionale samenwerking. Ook leidt krimp tot nieuwe kansen en verdienmechanismen, bijvoorbeeld in de vorm van groen-blauwe gebiedsontwikkeling (natuur, water en recreatie). Hoe kunnen we deze kansen aangrijpen?
Door middel van deze training brengen we kansrijke ontwikkelconcepten voor krimpregio’s in beeld en verkennen we hoe deze concepten financieel en organisatorisch tot stand gebracht kunnen worden. Wanneer kan er het beste worden ingegrepen en door wie? Welke stakeholders kunnen worden gemobiliseerd? Wat kost het en wie gaat het betalen? Dit alles met als doel om voor het betreffende krimpgebied een ‘zachte landing’ te organiseren.
Doelgroep
Gemeentelijke en provinciale afdelingshoofden en beleidsmedewerkers. Tevens interessant voor medewerkers van woningbouwcorporaties, semipublieke instanties en adviesbureaus.



