16 december 2011 l BOUWEN
Het Rijk heeft onvoldoende inzicht in de waarde van zijn vastgoedportefeuille. De Staatsbalans 2010 vermeldt een totaalbedrag van € 80 miljard voor het rijksvastgoed. Volgens de Algemene Rekenkamer biedt het overzicht dat daarbij wordt geschetst, geen betrouwbaar beeld. De Ministeries hebben "geen scherp zicht" op de hoeveelheid vastgoed die afgestoten zou kunnen worden. Er wordt ook niet systematisch nagegaan of er rijksvastgoed leegstaat en/of buiten gebruik is.
Ook is het arbitrair wat er nu wel en niet mee wordt geteld in de Staatsbalans. Natuurgronden van Staatsbosbeheer en landbouwgronden van Bureau Beheer Landbouwgronden (BBL) zijn geen juridische eigendom van het Rijk, maar worden toch meegeteld. Sommige bezittingen, zoals rivieren, het territoriale deel van de Noordzee en de Kroondomeinen, staan weer niet op de Staatsbalans. Vastgoed van spoorbeheerder ProRail en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wordt eveneens niet op de Staatsbalans meegeteld. Het Rijk geeft jaarlijks circa € 2 miljard uit aan onderhoud van het vastgoed, voornamelijk aan infrastructuur. Rijksbreed zijn circa 3.000 arbeidsplaatsen verbonden aan het onderhoud. De prikkels om overtollig vastgoed af te stoten zijn dan ook zwak. Dit kan tot gevolg hebben dat het Rijk meer vastgoed aanhoudt dan strikt noodzakelijk is voor de beleidsuitvoering. Het Rijk laat daarmee wellicht kansen liggen om geld te besparen.
Ministers zouden minimaal eens per vier jaar moeten kijken of hun vastgoed nog past bij het beleid dat ze nastreven. Ook moet een vastgoedinventarisatie worden opgesteld en moet duidelijk zijn wat de gevolgen zijn van bezuinigingen voor het af te stoten vastgoed. Het Ministerie van Financiën heeft in een reactie laten weten dat de Ministeries jaarlijks een strategie gaan opstellen voor hun vastgoedportefeuille.
Die strategie moet worden voorgelegd aan het Ministerie van Financiën.
Bron: vromtotaal.nl
4 januari 2012 l RUIMTELIJKE ORDENING
Op 30 december 2011 trad het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening in werking. Voor de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland een belangrijk moment. Het besluit zorgt voor versnelling van de besluitvorming en vermindering van bestuurlijke drukte. Een aantal rijksbelangen wordt met dit besluit geborgd in bestemmingsplannen en andere ruimtelijke plannen van overheden. De ministeriële regeling die bij dit besluit hoort treedt tegelijkertijd in werking.
Het besluit is eerder aangekondigd als de Algemene maatregel van bestuur (Amvb) Ruimte en wordt afgekort ook wel het ‘Barro’ genoemd. Het besluit heeft in de zomer van 2009 ter inzage gelegen.
Onderwerpen waarvoor het rijk ruimte vraagt zijn de mainportontwikkeling van Rotterdam, bescherming van de waterveiligheid in het kustfundament en in en rond de grote rivieren, bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, zoals de Beemster, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam en de uitoefening van defensietaken.
In de loop van 2012 zal het besluit worden aangevuld met de ruimtevraag voor de onderwerpen veiligheid op rijksvaarwegen, toekomstige uitbreiding van infrastructuur, de elektriciteitsvoorziening, de ecologische hoofdstructuur (EHS), de veiligheid van primaire waterkeringen, reserveringsgebieden voor hoogwater langs de Maas en maximering van de verstedelijkingsruimte in het IJsselmeer. Ook zal het onderwerp duurzame verstedelijking in regelgeving worden opgenomen.
Het kabinet heeft de keuze voor deze onderwerpen gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte; deze zal in het eerste kwartaal van 2012 worden vastgesteld. Deze structuurvisie geeft invulling aan het streven van het kabinet naar deregulering en decentralisatie van de ruimtelijke ordening. Het aantal nationale belangen waarvoor ruimte nodig is, is teruggebracht van 39 naar 13. Een aantal van deze 13 belangen wordt juridisch geborgd in het besluit. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte.
Bron: infrasite.nl
5 januari 2012 l BOUWEN
Hervormingen op de woningmarkt moeten volgens secretaris-generaal Chris Buijink (ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) niet worden geschuwd. De topambtenaar pleit er voor om de private schuldenberg in ons land snel af te bouwen. Die bestaat voor het overgrote deel uit hypothecaire leningen, en kan huishoudens kwetsbaar voor renteschommelingen maken. Die kunnen op hun beurt weer de bankbalansen schaden als woningen gedwongen verkocht moeten worden. „Om de risico’s van de schulden voor de financiële stabiliteit te verminderen, moet het aantrekkelijker worden om de eigen woning met relatief meer eigen vermogen te financieren.” Buijink vind dat alle extra maatregelen die het komend voorjaar worden afgesproken om het begrotingstekort te beteugelen, in het teken moeten staan van het versterken van de economie. Deze denkrichting sluit aan op het pleidooi dat in CDA-kringen al langer wordt gehouden om aflossen fiscaal aantrekkelijk te maken. „Een snelle beslissing op dit terrein is geboden om onnodige onzekerheid op de Nederlandse huizenmarkt te voorkomen”, waarschuwt Buijink. In het voorjaar moet duidelijk worden of verantwoordelijk staatssecretaris Weekers (Financiën) er voor voelt om de hoogte van het eigenwoningforfait voor huizenbezitters verder te koppelen aan de mate waarin de woning is afgelost. Nu geldt alleen een oordeel voor mensen die hun huis (bijna) hebben afgelost. In het jaarlijkse artikel voor economenblad ESB maakt de hoogste ambtenaar van minister Verhagen (ELI) van de gelegenheid gebruik om een wensenlijstje in te dienen aan extra hervormingen, die onontkoombaar lijken vanwege de opgelaaide economische crisis. Zo pleit Buijink voor het geleidelijk naar beneden schroeven van de ww. „Wanneer de hoogte van de ww stapsgewijs verlaagd wordt, krijgen werklozen een steeds sterkere prikkel om een nieuwe baan te zoeken”, schrijft de topambtenaar. Hij denkt ook dat het aanpakken van het ontslagrecht om ons land economisch weerbaarder te maken. Het huidige systeem is volgens hem nu te veel gericht op het afkopen van een dienstbetrekking, in plaats van het voorsorteren op een nieuwe baan. Buijink: „Door de huidige ontslagboete te vervangen door een vorm van premiedifferentiatie in de ww, of door een periode van loondoorbetaling voor het definitieve ontslag, kan de prikkel ook bij de werkgevers worden vergroot om te investeren in duurzame inzetbaarheid van hun werknemers en hen bij dreigend ontslag te begeleiden naar een nieuwe baan.” De topambtenaar pleit ook voor het structureel verlagen van de overdrachtsbelasting. Die is om de vastgelopen woningmarkt een slinger te geven nu tot 1 juli van dit jaar op 2% in plaats van 6% gezet. De maatregel is echter zeer kostbaar, waardoor de aanvankelijke neiging om de verlaging permanent te maken inmiddels in coalitiekringen minder groot is. Buijink beziet het lage tarief in ander perspectief. Volgens hem draagt de verlaging ook bij aan een flexibele arbeidsmarkt, omdat een hoge verhuisbelasting mensen ervan weerhoudt bijvoorbeeld elders in het land te gaan wonen en werken. Ook op het terrein van de zorg vallen grote slagen te maken. De topambtenaar ziet de grootste uitdagingen op het terrein van de care. Het uit de hand laten lopen van deze kosten leidt tot een hoger begrotingstekort of hogere premies, die een negatief effect hebben op de arbeidsparticipatie. „Bij een stijgende welvaart mag verwacht worden dat men zelf in staat is een deel van de zorg zelf te organiseren of te financieren. De vraag die blijvend gesteld moet worden, is waar de verantwoordelijkheid van de overheid ophoudt en waar die van de burger begint”, schrijft Buijink. „Bij langdurige zorg is de vraag gerechtvaardigd waarom mensen kosten zoals huisvesting, specifieke voeding of vervoer (deels) vergoed krijgen, terwijl zij (een deel van) die kosten bij goede gezondheid zelf wel zouden dragen.” Als een logische nieuwe eigen zorgbijdrage circuleert in Den Haag al het plan om een bezoektarief voor de huisarts in te voeren, waar al met 5 euro per bezoek op jaarbasis €250 miljoen (deels via gedragseffecten) kan worden binnengeharkt. In sommige Europese landen wordt nu al een tarief van €10 per keer gehanteerd. Buijink doet een beroep op Europese politici om snel tot Europa-brede versterking van de economie te komen. „Dat vraagt dat alle lidstaten niet alleen hun begroting op orde brengen, maar vooral ook maatregelen nemen om het verdienvermogen te verbeteren.” Wie zich niet aan de afspraken houdt, moet worden aangepakt. Brussel moet daarbij verder kunnen gaan dan nu nog gebeurt. „Een goede controle moet het mogelijk maken om in een vroeg stadium in te grijpen, zodat hervormingen kunnen worden afgedwongen voordat een land in de problemen komt.” Het is de 55e keer dat de secretaris-generaal van het ministerie van Economische Zaken zijn visie geeft op de stand van de Nederlandse economie, Buijink schreef hem voor de vijfde keer. In februari komt het Centraal Planbureau met de economische verwachtingen voor de komende jaren. Verwacht wordt dat de cijfers dermate zullen tegenvallen dat er aanvullend voor €6 miljard en misschien wel tot €10 miljard extra moet worden ingegrepen. De aanbevelingen van Buijnink zullen bij het coalitieoverleg over deze bezuinigingen en hervormingen worden meegenomen. Bron: telegraaf.nl 6 januari 2012 l ENERGIE EN DUURZAAMHEID In 2020 moet biodiversiteitsverlies tot stoppen zijn gebracht en in 2030 moet de ecologische voetafdruk van de consument zijn gehalveerd. Dat advies geeft de Taskforce Biodiversiteit en Natuurlijke Hulpbronnen aan de regering middels het rapport Groene Groei, investeren in biodiversiteit en natuurlijke hulpbronnen. Het rapport is aangeboden aan minister Maxime Verhagen en staatssecretaris Joop Atsma. Groene Groei is een pleidooi voor een kansrijke en concurrerende economische ontwikkeling, gebaseerd op de draagkracht van de aarde. Zorg voor biodiversiteit is daarin geen bedreiging, maar een randvoorwaarde. De Taskforce ziet een belangrijke rol voor bedrijven bij de noodzakelijke omslag naar Groene Groei. Maar die kunnen het niet alleen. Hans Alders, voorzitter van de Taskforce: "Zonder een actieve overheid, die bereid is te investeren, koplopers te ondersteunen en waar nodig achterblijvers te straffen, is de overstap naar groene groei niet mogelijk. Een overheid die alleen maar aan de zijlijn applaudisseert, kijkt naar een wedstrijd met uitsluitend verliezers." Het moet een omslag zijn naar groene groei in ecologisch, economisch èn sociaal opzicht. Alders: "Alleen dan kunnen we een economisch en ecologisch faillissement voorkomen, grondstoffenzekerheid voor de industrie garanderen, armoede uitbannen en een groeiende wereldbevolking voeden en kans bieden op een menswaardig bestaan." Volgens de Taskforce kan Nederland met haar kennis en kunde op gebieden als landbouw, chemie en water- en natuurbeheer daarin een belangrijke rol vervullen. Op de avond van overhandiging sprak ook Willem Ferwerda van IUCN Nederland. Hij had een dubbel gevoel over de avond. Het rapport met de aanbevelingen vindt hij zeer belangrijk. Maar het huidig kabinetsbeleid heeft volgens Ferwerda het vertrouwen bij de leden van IUCN dusdanig geschaad dat er weinig vertrouwen over is. Bij de uitwerking van de aanbevelingen moet de regering dat vertrouwen weer terug te zien krijgen. Daarnaast tekenden de Rijksoverheid, de Taskforce Biodiversiteit en Natuurlijke hulpbronnen en het Platform Biodiversiteit en het Bedrijfsleven een intentieverklaring voor een uitvoeringsagenda van de aanbevelingen van de Taskforce. Elf Nederlandse en internationale bedrijven gaan met concrete projecten aan de slag voor dit advies. Zij sloten 11 nieuwe Green Deals met minister Verhagen en staatssecretaris Atsma. Deze gaan onder meer in op resthout als vervanging voor gas, de natuur als inspiratiebron voor innovaties en een biodiversiteitslabel dat de kosten voor biodiversiteitsvriendelijke producten kan doorberekenen. Bron: allesduurzaam.nl 2 januari 2012 l MILIEU De gifmeter 2010 van de milieubeweging scoort eenzijdig op totale afwezigheid van bestrijdingsmiddelen op groente en fruit. Volgens CLM is dit een te smalle blik. Ten eerste kan het streven naar zo’n nul-niveau op alle producten tot meer milieuschade leiden. Daarnaast verzuimt de milieubeweging te verwijzen naar de duurzame initiatieven gericht op gezonde producten EN een schoon milieu, zoals hun eigen Weetwatjeeet keurmerk. Prikkelen van de (super)markt is prima, maar een brede blik op duurzame voedselproductie is daarbij gewenst. De ‘Weet wat je eet-campagne’ heeft de afgelopen 5 jaren met name supermarkten in beweging gebracht. Zij stellen nu strenge eisen aan residu-niveau’s. Dat kan telers stimuleren om eerder en vaker te spuiten, zodat de ziekten en plagen bestreden worden, maar bij de oogst de pesticiden niet op het product zitten. Peter Leendertse, teamleider CLM: “Zo is in de fruitteelt het risico dat telers vroeger in het seizoen gaan spuiten. Dan is er nog geen blad aan de boom en verwaaien de middelen naar het water. Dat is ongewenste afwenteling. In het project Bommelerfruit werken we daarom met telers samen aan schoon water EN weinig residu.” Naast meer watervervuiling kan ook verspilling toenemen. Peter Leendertse: “We krijgen nu al signalen dat fruit dat voldoet aan de wettelijke norm wordt weggegooid omdat supermarkten strengere eisen stellen en de producten niet willen kopen. Zo stimuleert de milieubeweging indirect verspilling”. Veel supermarkten, leveranciers en cateraars werken momenteel aan gezonde groente en fruit EN een schoon milieu. Naast de biologische producten zijn ook steeds vaker duurzame gangbare producten verkrijgbaar. De milieubeweging heeft samen met tuinders en CLM het Weetwatjeeet keurmerk ontwikkeld. Dit keurmerk is gecertificeerd door Milieukeur. Weetwatjeeet-tomaten zijn verkrijgbaar bij o.a. C1000 en Hoogvliet. Door deze keurmerken te stimuleren ligt de nadruk niet onevenwichtig op residuen van middelen. Het is jammer dat de milieubeweging dit niet aangeeft in haar berichtgeving. Groente en fruit eten is gezond, ook als er enkele resten van bestrijdingsmiddelen op zitten. geen groente en fruit eten is veel ongezonder. Negatieve berichtgeving over groente en fruit zal de consumptie van deze producten niet verhogen. Bron: foodvalley.nl
Topambtenaar pleit voor hervorming woningmarkt
Koppelen
Ww verlagen
Zorg
Europa-brede versterking economie
Economie floreert alleen met ecologie volgens Taskforce Biodiversiteit
Aanbevelingen
Green Deals
Milieubeweging te smalle blik op residuen
Duurzame initiatieven
Groente en fruit is gezond